Wat is het juridische statuut van de atlas?

De Atlas is een beleidsdocument en een consultatie-instrument zonder juridische waarde. De aangeduide gebieden zijn woonuitbreidingsgebieden zoals bedoeld in artikel 5.1.1. van het Koninklijk besluit van 28/12/1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en gewestplannen.  Dit artikel blijft onverkort gelden.  

Het artikel stelt dat: "De woonuitbreidingsgebieden zijn uitsluitend bestemd voor groepswoningbouw zolang de bevoegde overheid over de ordening van het gebied niet heeft beslist, en zolang, volgens het geval, ofwel de overheid geen besluit tot vaststelling van de uitgaven voor de voorziening heeft genomen, ofwel omtrent deze voorzieningen geen met waarborgen omklede verbintenis is aangegaan door de promotor."

Hoe dit voorschrift concreet wordt geïnterpreteerd en toegepast door de vergunningverlenende overheden kan u lezen in de Omzendbrief betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en gewestplannen dd. 8/7/1997, gewijzigd via omzendbrief dd. 25/1/2002 en 25/10/2002 .  

Mee in het licht van de rechtspraak van de Raad van State over de interpretatie van art. 5.1.1. van het Koninklijk besluit van '72 zijn in essentie zijn volgende aspecten van belang: 

Zolang er geen beslissing is over de ordening (zie punt 2), kan alleen groepswoningbouw vergund worden in de woonuitbreidingsgebieden.  Onder groepswoningbouw “dient te worden verstaan het gelijktijdig oprichten van meerdere gebouwen bestemd voor bewoning die één samenhangend geheel vormen”.  Belangrijke criteria in deze omschrijving zijn de gelijktijdige bouw, de bestemming voor wonen en het feit dat de woningen een samenhangend (ruimtelijk) geheel vormen.  Vallen daar dus niet onder: een klassieke verkaveling, oprichting van gebouwen die geen woonbestemming hebben, … .

Ordening van een woonuitbreidingsgebied kan enkel via vaststelling van een plan, met name.:

bijzonder plan van aanleg (BPA) of ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP)

In principe moet het BPA dat een woonuitbreidingsgebied ordent conform zijn met wat in woongebied toegelaten is.

Voor RUPs geldt dat ze conform artikel 201 (Decreet ruimtelijke ordening) de gewestplanbestemming vervangen.  Het RUP moet zich dus niet schikken naar de gewestplanbestemming, maar moet wel opgemaakt zijn in uitvoering van /conform met het betrokken ruimtelijk structuurplan.

Globale verkavelingsvergunning

De verkavelingsaanvraag moet het volledige gebied of minstens een substantieel en isoleerbaar deel van het woonuitbreidingsgebied tot voorwerp hebben.  De in de verkaveling toegelaten functies moeten conform zijn met wat in woongebied in het gewestplan toegelaten is.  Het college van burgemeester en schepenen oordeelt over de verkavelingsaanvraag.  Als de verkaveling de aanleg van wegen veronderstelt -wat normaal gezien het geval is bij ontwikkeling van een woonuitbreidingsgebied- dan is daarvóór ook een beslissing van de gemeenteraad nodig.  

U mag niet bouwen zonder voorafgaandelijke stedenbouwkundige vergunning. Vraag bij de gemeente na voor welke  werken u een stedenbouwkundige vergunning nodig heeft.  Zij licht u tevens in omtrent de nodige formulieren en documenten. 

Tot slot kan nog verwezen worden naar de decretale voorwaarde van de voldoende uitgeruste weg voor het verlenen van een vergunning (artikel 100 Decreet ruimtelijke ordening) en naar het feit dat bij aanleg van wegenis een beslissing van de gemeenteraad vereist is (lokale wegenis is volgens de Gemeentewet een bevoegdheid van de gemeenteraad). 

   terug naar vraag en antwoord