|
Personeelszaken mei 2002
Medewerker evalueert zijn chef
door Marcel Van Lerberge
Kwaliteitsvol leidinggeven vormt sinds een aantal jaren de rode
draad van het beleid van de minister van Ambtenarenzaken. Goed leiderschap
is immers de sleutel voor een goede dienstverlening aan de bevolking
én het is een belangrijke voorwaarde voor een grotere responsabilisering.
Daarom wordt vanaf dit jaar meer rekening gehouden met de kwaliteit
van het leidinggeven bij de evaluatie van het top- en middenkader
voor het werkjaar 2001.
Bottom-up evaluatie
Werken aan de kwaliteit van leidinggeven en van de dienstverlening
is moeilijk zonder terugkoppeling of feedback, van voornamelijk
de medewerkers zelf. Daarom heeft de Vlaamse regering beslist dat
vanaf 2002 bij de evaluatie van het top- en middenkader van de Vlaamse
overheid rekening gehouden moet worden met de mening van de directe
medewerkers. Dat is bottom-up evaluatie of kortweg BUE.
Met dit vernieuwde evaluatiesysteem wil de Vlaamse overheid verder
evolueren naar een lerende organisatie met een open feedbackcultuur
en betrokkenheid en met meer aangepaste ontwikkelingskansen (ook
voor leidinggevenden). Dat betekent dat integriteit en eerlijkheid
vooropstaan bij het geven en het gebruiken van feedback. Die dient
uiteindelijk om het functioneren van de organisatie én van
de individuen te verbeteren.
Hoe verloopt de BUE?
We overlopen hier enkel de methodiek en de resultaten van de eerste
keer BUE van het middenkader (afdelingshoofden of gelijksoortige
functies). Die manier van werken is niet helemaal vergelijkbaar
met de BUE van het topkader (secretarissen-generaal en directeurs-generaal).
Op basis van een vragenlijst geven alle directe medewerkers van
een chef van het middenkader anoniem hun mening over de manier van
leidinggeven van die chef tijdens het voorbije werkjaar. Ook de
chef beoordeelt zichzelf aan de hand van een vragenlijst. Beide
evaluaties worden achteraf bekeken. Om het verzamelen en het verwerken
van die feedback snel en efficiënt te laten verlopen, worden
de vragenlijsten via het internet aangeboden.
Dit jaar spitst de bevraging voor het middenkader zich toe op de
belangrijkste leidinggevende competenties: resultaatgerichtheid,
communicatie en openheid, teamleiderschap, impact en samenwerking
met andere entiteiten.
Wat zijn de voornaamste resultaten? [ klik
hier voor de grafiek ]
- Hoge respons: 8 op 10 medewerkers vulden de vragenlijst in;
9 op 10 leidinggevenden maakten een zelfevaluatie (specifieke
vragenlijst).
- De evaluatie van de leidinggevenden (feedback van medewerkers
én zelfevaluatie) brengt een vrij positief beeld naar boven.
De verschillende competenties afzonderlijk kregen immers een score
tussen 'ruim gemiddeld' en 'in hoge mate'.
- Op welke punten week de zelfevaluatie van de leidinggevenden
af van de evaluatie door de medewerkers? Uit de tabel blijkt dat
de leidinggevenden hun eigen competentie van resultaatgerichtheid,
teamleiderschap en communicatie positiever evalueren dan de medewerkers.
De competenties impact en samenwerking met andere entiteiten worden
daarentegen iets positiever beoordeeld door de medewerkers dan
door de leidinggevenden zelf.
- Ten slotte verwachten zowel leidinggevenden als medewerkers
dat de BUE het stimuleren van streven naar een cultuur van openheid
en het werken aan een kwalitatieve leiding positief beïnvloedt.
We kunnen besluiten dat de BUE van het middenkader vrij goede resultaten
opleverde. De verwachtingen over de voortgangscontrole ervan zijn
dan ook hoog gespannen. Het is de bedoeling dat bij de planning
voor het werkjaar 2002 rekening gehouden wordt met de resultaten
en dat ontwikkelingsgerichte doelstellingen geformuleerd worden
om de kwaliteit van het leidinggeven nog verder uit te diepen.
|