![]() |
|
||||||||||||
| Vlaanderen.be > | |
|
Veelgestelde vragen In deze rubriek vindt u antwoorden op veelgestelde vragen. Een gedeelte van deze vragen is ook gepubliceerd in BijBlijfBlad nummer 5. We willen er wel op wijzen dat dit algemene antwoorden zijn. Voor specifieke vragen kunt u het beste contact opnemen met uw MOD.
1. Kan ik straks gebruik blijven maken van dezelfde diensten? Veel medewerkers bij de Vlaamse overheid hebben een hospitalisatieverzekering of kunnen een beroep doen op een sociale dienst, bijvoorbeeld voor een tegemoetkoming in hun medische kosten of in de kosten voor hun vakantie. Wat gaat daarmee gebeuren na BBB? Als voor u of voor de entiteit waar u werkt alles min of meer bij het oude blijft, dan zal er op dit vlak weinig veranderen. Hoe dan ook staat er in het migratiebesluit dat u de voordelen van uw sociale dienst van herkomst behoudt tot u een beroep kunt doen op een sociale dienst in de nieuwe entiteit. Neem contact op met uw nieuwe sociale dienst om te weten welke diensten u bij hen kunt krijgen en voor welke kosten uit het verleden u nog terechtkunt bij uw vorige sociale dienst. Op het gebied van de hospitalisatieverzekering zijn er door BBB geen veranderingen. Als u al recht had op een hospitalisatieverzekering van de Vlaamse overheid, dan behoudt u dat recht, ook al verhuist u door BBB naar een andere entiteit. 2. Kan BBB financiële gevolgen hebben voor mij? Volgens de bepalingen van het migratiebesluit en het raamstatuut is er een behoud van de functionele loopbaan. Uw salaris en de groei in uw salaris vinden dus gewoon plaats. Wat betreft toelagen, vergoedingen en sociale voordelen: als u na de migratie nog aan de toekenningsvoorwaarden voldoet, dat behoudt u de toelagen die u had. In de regel zal dat zo zijn, aangezien u uw functie volgt (die ongewijzigd is). Wat de betaling en het beheer van uw personeelsdossier betreft, is het zo dat de (oude) werkgever verantwoordelijk blijft én voor de betaling en voor het beheer totdat de nieuwe werkgever klaar is om één en ander over te nemen. Er kan dus geen hiaat zijn in de betaling. Wat betreft het vakantiegeld en de eindejaarstoelage: de nieuwe werkgever zal, gelet op de migratie, beide toelagen normaal uitbetalen op de normale betaaldatum (alsof er geen uitdiensttreding geweest is). 3. Bij de VOI waar ik nu werk krijg ik maaltijdcheques. Na BBB zal ik waarschijnlijk naar een dienst in de Vlaamse gemeenschap gaan. Houd ik dan die maaltijdcheques? Wat betreft de maaltijdchequeregeling zijn er volgende scenario's:
Er is met de vakorganisaties afgesproken dat de problematiek van behoud/verlies van maaltijdcheques verder bekeken zal worden zodra zicht is op de migratie van en naar de betrokken entiteiten. 4. Moet ik bang zijn voor mijn baan? BBB is geen bezuinigingsoperatie: het is een bestuurlijke operatie die de overheid beter moet laten werken. Vanwege BBB zult u uw job bij de Vlaamse overheid dus niet verliezen. In haar nota van 28 oktober 2005 over de concrete uitrol van BBB zegt de Vlaamse Regering duidelijk dat contractuele personeelsleden niet in vooropzeg mogen worden geplaatst alleen maar omdat het niet onmiddellijk duidelijk is aan welke beleidsdomeinen of entiteiten ze worden toegewezen. 5. Krijgen contractuelen gemakkelijker een vaste benoeming? Formeel kunnen contractuelen alleen worden aangeworven in vier bijzondere situaties. Toch zijn er in het verleden veel contractuelen aangeworven voor jobs die niet in een van die vier categorieën vallen. Dat roept de vraag op naar een normalisatie: een eenmalige actie om contractuelen statutair te maken. Op dit moment wordt uitgezocht of een dergelijke normalisatie juridisch mogelijk is. Contractuelen kunnen uiteraard altijd aan examens meedoen voor een statutaire functie. Als ze al eens geslaagd zijn voor een algemene vergelijkende proef voor een statutaire job, hoeven ze dat examen niet over te doen als ze opnieuw solliciteren voor een statutaire job. Ze komen dus meteen in de laatste ronde terecht. Dit alles is alleen van toepassing op de medewerkers van entiteiten die onder het raamstatuut vallen. In vraag 9 vindt u een opsomming van organisaties die niet onder het raamstatuut vallen. Medewerkers van die entiteiten vallen onder het arbeidsrecht, net als werknemers in de privésector. 6. Van mijn huidig afdelingshoofd heb ik de toestemming gekregen om vier vijfden te werken. Kan ik dat verliezen? Nee. Een personeelslid aan wie een verlof is toegestaan, kan daar gebruik van blijven maken tot het einde van de periode waarvoor het is toegestaan. Een eventuele verlenging van het verlof gebeurt dan volgens de regels in het raamstatuut. 7. Blijven de evaluaties bestaan? Met BBB komt er niet plots een nieuw evaluatiesysteem voor iedereen. In grote lijnen blijft alles bij het oude. De diensten uit het vroegere MVG zullen het Ploegsysteem met de jaarlijkse cyclus van plannen, opvolgen en evalueren blijven volgen. De IVA’s en EVA’s hanteren een gelijkaardig systeem dat ze ook zullen blijven gebruiken. Het is nu al zo dat de evaluatiecyclus in de meeste entiteiten zeer gelijklopend is. De enige verschillen die kunnen tussen de entiteiten kunnen voorkomen, zijn (1) de afwezigheid van futo’s en (2) de manier van evaluatie zelf die in sommige gevallen ook gekwantificeerd wordt ingevuld. Het evaluatiesysteem PLOEG bestond in het oude MVG al tien jaar. Tijd dus om het systeem grondig te herzien en waar nodig bij te sturen. Dit is onderwerp van overleg met de vakbonden. Hier is dus de leeftijd van het systeem de reden voor de evaluatie, niet de invoering van BBB. 8. Houden we ons personeelssysteem? Binnen de Vlaamse overheid worden tal van personeelssystemen gebruikt - de grootste groep ambtenaren is opgenomen in Vlimpers, het systeem van het oude MVG. Voorlopig zullen al die systemen naast elkaar blijven draaien. De beheerders van de personeelssystemen stellen alles in het werk om ervoor te zorgen dat niemand aan zijn loonbriefje merkt dat er een overdracht plaatsvindt naar een nieuwe organisatiestructuur. Want strikt genomen worden we in het personeelssysteem allemaal toegewezen aan een nieuwe entiteit. Als die nieuwe entiteit met hetzelfde personeelssysteem blijft werken, is er geen enkel probleem. Maar voor wie overgeplaatst wordt tussen 2 entiteiten die met een verschillend personeelssysteem werken verandert er achter de schermen wel een en ander. De personeelsdiensten verrichten dus veel werk om te zorgen dat de overgang van de personeelsdossiers (en wat daarmee samenhangt, zoals de loonbetaling) soepel verloopt. 9. Als ik volgend jaar volgens de procedure van het migratiebesluit ergens naartoe ga, kan ik me dan later in het jaar nog bedenken? Nee, eigenlijk niet. Volgens het migratiebesluit volgt u in principe uw functie. U zult wel worden gehoord als het niet evident is waar uw functie naartoe gaat (bijvoorbeeld naar welk beleidsdomein). Maar als de beslissing eenmaal gevallen is, is ze definitief. Als u onder het raamstatuut valt, kunt u natuurlijk wel gebruikmaken van de interne arbeidsmarkt. Ook als u gaat werken bij een privaatrechtelijke EVA (die niet onder het raamstatuut valt en waar de interne arbeidsmarkt dus niet van toepassing is), kunt u nog vier jaar lang terugkeren en gebruikmaken van de interne arbeidsmarkt. Het raamstatuut geldt niet voor de privaatrechtelijke EVA’s: vzw De Rand, het Vlaams Agentschap voor Rekrutering en Selectie, de NV Participatiemaatschappij Vlaanderen, de NV Limburgse Reconversiemaatschappij, de NV Vlaamse Participatiemaatschappij, de NV met sociaal oogmerk Werkholding en de vzw Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing. Het raamstatuut geldt ook niet voor: VITO, De Lijn, de VRT, de Vlaamse Opera, de SERV en het instructiepersoneel van de VDAB. 10. Ik ben directe medewerker van een leidend ambtenaar. Wat gebeurt er met mij? Vooraf willen we heel duidelijk stellen dat er, zeker bij dit soort vragen, geen algemeen antwoord gegeven kan worden op een specifieke vraag. Er zijn gewoon te veel factoren die bepalen wat er uiteindelijk precies gaat gebeuren voor iedereen die in deze situatie verkeert. We kunnen echter wel ingaan op de procedure. De regels die zijn vastgelegd in het migratiebesluit, zullen worden toegepast. Die zeggen, dat iedereen in eerste instantie zijn functie volgt. Stel dat u secretaresse bent van een secretaris-generaal van een departement, of van een administrateur-generaal van een VOI en stel dat die ook benoemd is als nieuwe leidend ambtenaar van agentschap of departement. Dan is het heel logisch en waarschijnlijk dat u ook secretaresse van de leidend ambtenaar blijft. Stel dat uw leidend ambtenaar vertrekt naar een andere entiteit en er komt een nieuwe leidend ambtenaar in uw beleidsdomein. Dan zult u normaal gezien eerder uw functie (secretaresse) volgen dan uw leidinggevende en een vergelijkbare functie krijgen in het beleidsdomein. Maar nogmaals, dat is het principe. Het is denkbaar dat een leidend ambtenaar die een goede vertrouwensband met zijn secretaresse heeft, deze graag ‘meeneemt’ naar de nieuwe entiteit. Als daar de praktische mogelijkheden voor zijn, is dat a priori niet onmogelijk. 11. Wat is nu eigenlijk het verschil tussen een IVA en een EVA? Het belangrijkste verschil tussen een Intern Verzelfstandigd Agentschap (IVA) en een Extern Verzelfstandigd Agentschap (EVA) is de manier waarop het agentschap wordt aangestuurd. De IVA wordt direct door de minister aangestuurd. De EVA wordt in eerste instantie aangestuurd door een Raad van Bestuur en in tweede instantie, via een beheersovereenkomst, door de minister. Alle agentschappen beschikken in principe over evenveel autonomie in het uitvoeren van hun werkzaamheden. Klik hier voor een gedetailleerde uitleg. 12. Blijven er instellingsspecifieke statuten? Een vraag die onder personeelsleden van VOI's kan leven, is zeker of er in de toekomst nog instellingsspecifieke statuten zullen blijven bestaan. Nu hebben een aantal Vlaamse Openbare Instellingen, waaronder de Vlaamse Onderwijsraad, via een instellingsspecifiek besluit die passen bij hun situatie. Bijvoorbeeld de mogelijkheid om via detacheringen leraren uit het onderwijs aan te trekken. Zullen detacheringen van onderwijsmensen in de toekomst mogelijk blijven? Voor de duidelijkheid: een instellingsspecifiek besluit is een aanvulling op het personeelsstatuut (straks het raamstatuut) dat alleen voor de betreffende instelling (straks agentschap) geldt. Dergelijke besluiten zullen blijven bestaan, maar wel is het nodig dat de instellingsspecifieke besluiten worden omgezet naar agentschapspecifieke besluiten. Dit omvormingsproces moet uiterlijk 1,5 jaar na de start van BBB zijn afgerond. Medio 2006 echter, moeten er al ontwerpen worden voorgelegd aan de bevoegde ministers. 13. Ik werk bij een Dienst met Afzonderlijk Beheer (DAB), wat gebeurt daarmee? De DAB’s blijven gewoon bestaan en zullen organisatorisch vallen onder een departement of een agentschap. 14. Onze instelling heeft specifieke regelingen in aanvulling op het personeelsstatuut. Blijven die bestaan? Veel VOI’s hadden eigen regelingen die een aanvulling vormden op het oude personeelsstatuut en die alleen voor hun instelling golden. Zo heeft de Vlaamse Onderwijsraad de mogelijkheid om via detacheringen leraren uit het onderwijs aan te trekken. Dat soort regelingen blijft ook in de toekomst gewoon bestaan. 15. Zal ik mijn chef houden na BBB? Als uw dienst of uw afdeling onveranderd blijft bestaan, dan is de kans heel groot dat u uw diensthoofd of afdelingshoofd gewoon houdt. Als er twee afdelingen of diensten worden samengevoegd, of als er een wordt gesplitst, geldt die regel uiteraard niet. Dan zijn er immers twee chefs voor dezelfde dienst of is er juist een chef te weinig. Als de gesplitste of samengevoegde entiteit binnen een beleidsdomein valt, dan zal de beleidsraad een beslissing nemen. Daarin zitten de topambtenaren van het departement en de agentschappen, en de minister. Zijn er verschillende beleidsdomeinen mee gemoeid, dan wordt de beslissing genomen door een commissie met vertegenwoordigers uit die beleidsdomeinen. |
![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Disclaimer | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||